Werkvorm: De vragenwandeling
Sector: PO
Type werkvorm: Traditionele activerende werkvorm met beweging, vragen stellen en samenwerken.
Korte intro
Bij De vragenwandeling bewegen leerlingen langs verschillende vraagkaarten in de klas. Ze verzamelen ideeën, geven antwoorden en bouwen voort op wat anderen hebben opgeschreven. Zo wordt voorkennis zichtbaar en komen ook stillere leerlingen makkelijker tot denken en meedoen.
Doel
Leerlingen activeren hun voorkennis, leren betere vragen stellen en oefenen met reageren op ideeën van klasgenoten.
Voor wie
Geschikt voor groep 4 tot en met groep 8. Werk individueel, in tweetallen of in kleine groepjes van 3 leerlingen.
Benodigdheden
- Grote vellen papier of kaartjes met vragen
- Stiften of potloden
- Eventueel kleurtjes of stickers om ideeën te markeren
- Ruimte om veilig door de klas te bewegen
Tijd
20 tot 35 minuten.
Werkwijze
- Hang 5 tot 8 vraagkaarten verspreid door de klas. Gebruik open vragen zoals: “Wat weet je al?”, “Wat wil je nog weten?”, “Waar twijfel je over?” en “Welke voorbeelden ken je?”
- Leg kort uit dat leerlingen rustig langs de kaarten wandelen en bij elke kaart iets mogen toevoegen.
- Laat leerlingen starten bij verschillende kaarten, zodat de groep zich verspreidt.
- Geef per ronde 2 tot 3 minuten. Daarna schuiven leerlingen door naar een volgende kaart.
- Vraag leerlingen om niet alleen eigen antwoorden op te schrijven, maar ook een sterretje te zetten bij een idee van iemand anders dat zij interessant vinden.
- Bespreek na de wandeling per kaart de opvallendste antwoorden of vragen.
- Kies samen 2 of 3 vragen die in de les verder onderzocht worden.
- Laat leerlingen afsluiten met één zin: “Vandaag wil ik vooral ontdekken…”
Differentiatie
Makkelijker: gebruik pictogrammen, voorbeeldzinnen of laat leerlingen in tweetallen schrijven. Jonge leerlingen kunnen ook tekenen in plaats van schrijven.
Uitdagender: laat leerlingen bij elk antwoord een vervolgvraag bedenken of aangeven welk bewijs zij nodig hebben om een antwoord zeker te weten.
Tips
- Spreek vooraf wandelregels af: rustig lopen, fluisterstem en iedereen krijgt ruimte.
- Gebruik korte vragen met veel denkruimte, niet alleen kennisvragen.
- Laat leerlingen elkaars ideeën aanvullen zonder namen te beoordelen.
- Maak de opbrengst zichtbaar door de vraagkaarten tijdens de rest van de les te laten hangen.
Afsluitende reflectievragen
- Welke vraag maakte jou het meest nieuwsgierig?
- Welk idee van een klasgenoot vond je slim of verrassend?
- Wat wil je na deze wandeling verder onderzoeken?
0 Comments